De “Gangsta” van de Achterbank

Cruisecontrol op, schuifdak open en mijn zoon die plotseling bezeten raakt door de geest van een Amerikaanse raplegende. Hij zit diep in zijn rol: petje laag, een hand die ritmisch “the peace sign” maakt naar de koeien in de wei, en een stroom aan Engels waar de gemiddelde leraar op de middelbare school een rolberoerte van zou krijgen.

Omdat ik de beroerdste niet ben — en stiekem nog steeds geloof dat ik “met de tijd mee ga” — begin ik zachtjes mee te knikken op de beat.

“Lekker nummertje, jongen!” roep ik enthousiast over de bass heen. “Echt een… eh… een hele fijne melodie. Hele goede vibe!”

Ik voel me de koning van de coolheid. De Cool Dad. De man die begrijpt wat de jeugd beweegt. Totdat de beat even wegvalt en zijn “beste Engels” plotseling pijnlijk verstaanbaar wordt.

Terwijl hij met passie een zin uitspuugt die drie anatomische onmogelijkheden, twee illegale substanties en een zeer twijfelachtige suggestie over iemands moeder bevat, verstijf ik achter het stuur. Mijn “hippe knikje” verandert in een nerveuze tic.

Ik kijk even opzij. Hij straalt. Hij rapt over het “clappen van de hitte” en “stacks maken in de bajes” alsof hij gisteren nog een kartel runde, terwijl ik dondersgoed weet dat hij toen huilde omdat de wifi wegviel tijdens Roblox.

Nu zit ik hier, starend naar de weg, met een hartslag van 180. Ik bid tot alle goden van de taalkunde dat hij denkt dat deze woorden gewoon synoniemen zijn voor “bloemetjes” en “vriendelijkheid”. Ik durf niets te zeggen, want als ik vraag of hij weet wat het betekent, legt hij het me straks nog uit ook.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *